12 december 2011

NEC-SCH 5-4

 

Helden

 

Geen idee hoe het gaat met het tijdschrift van Frits en Barbara Barend, genaamd Helden. Ik heb het blad nooit ingekeken, wel in de kiosk zien liggen, en op het eerste oog ziet het er een beetje glossy en iets te “feel good” uit. Het gelijknamige tv-programma (RTL? Veronica?) is alweer een tijdje van de buis. Ik zag een keer een stukje, was wel aardig, de mens achter de sporter werd vooral belicht, maar het was niet zó boeiend om elke keer te willen kijken, of de dvd-recorder te programmeren. Barbara zou komen opdraven bij een activiteit van Patricks Liedjesfabriek, maar haar kind was ziek, zodat een tamelijk onbekende vervanger werd gestuurd.

Helden is wel een mooie titel voor een tijdschrift en zeker een sporttijdschrift. Paul schreef al eens over idolen, en met name over zijn idool Ivan Lendl, maar een idool is nog geen held. Een idool is iemand die vereerd wordt. Een held is, volgens de Dikke van Dale, iemand die uitblinkt door moed. En daardoor vereerd zou kunnen worden, denk ik erachteraan. Het tijdschrift Helden hield een verkiezing voor de Held van het Jaar 2011, de sportheld uiteraard. Johnny Hoogerland, van wie de bil veruit het bekendste lichaamsdeel is, won bij de mannen. Enige moed kan hem niet ontzegd worden. Je raadt nooit wie de vrouwelijke held van het jaar werd, eenvoudig omdat je waarschijnlijk nog nooit van haar gehoord hebt. Ik niet althans. Christel Boeljon, een 24-jarige dame die met een stickie over strakgemaaide mondiale grasvelden wandelt en af en toe een mep tegen een balletje geeft. En nog goedbetaald ook. Niet echt een uitblinker in moed, lijkt me, eerder een verwend krengetje, dat om haar moeder schreeuwt als het begint te regenen.

Nee, dan de helden van NEC 1. Paul noemde in een sms aan Remco het woord zinderend in verband met de wedstrijd tegen SCH. Aan tafel in Trianon viel meerder malen het woord heroïsch. En terecht, als leeuwen verdedigden we ons doel tegen een tsunami van aanvallen van onze tegenstander. Vorig seizoen hadden we al gemerkt dat de jongens van SCH jonger en balvaardiger waren dan wij, maar zoals we inmiddels weten hoeft dat geen probleem te zijn, als we slim spelen. En dat houdt in: compact en met veel energie verdedigen, snel en effectief counteren. Dat deden we. We namen in de eerste helft een 3-0 voorsprong via mooi uitgespeelde goals van Patrick (2) en Wim. Na rust ging hun stevige doelman in de spits, waar hij met zijn buik venijnige duwtjes uitdeelde om onze defensieve stellingen te corrumperen, hetgeen gedeeltelijk lukte. In een zo ontstane een chaotische situatie rolde de 3-1 in het hoekje en veldspeler, die was gaan keepen en dit overigens zeer behoorlijk kon, jaste hun tweede goal snoeihard in de kruising. Wij bleven gelukkig ook kansen creëren en uit één daarvan scoorde Patrick 4-2. Vanaf de aftrap draaide de nieuwe SCH-spits verrassend handig weg en Gerard had een overtreding nodig om hem te stoppen. De gesimuleerde blessure voorkwam een gele kaart en leverde een bezorgd “Gaat het, meneer?” op van SCH-zijde. Ondanks uitstekend keeperswerk van Sjoerd maakte SCH 4-3, maar Jeroen vierde zijn rentree met een mooi doelpunt: 5-3. Het werd nog 5-4, maar dat was gelukkig ook de eindstand van ons laatste duel van 2011.

Het was een mooi jaar, waarin we het vorige seizoen bijna kampioen werden en we bewezen dat we nog wel een jaartje of 20 meekunnen, zeker als de volgende generatie (zoons en dochters) na verloop van tijd het spreekwoordelijke stokje overnemen. Genetisch gezien is er een grote kans dat ze met minstens zoveel heldhaftigheid behept zijn als hun vaders.

Maar eerst het jubileum op 14 januari 2012, dat tegelijk een reünie zal zijn, een ontmoeting, misschien confrontatie met het verleden. In Trianon kwamen we tot de conclusie dat het een hele toer zou worden om alle gegevens uit dat verleden boven tafel te krijgen. En dat het leuk zou zijn om een keer te schaatsen met Hans van Helden (brons Olympische Spelen 1976 te Innsbruck). Of verzin ik dat er nu bij? Op de achtergrond klonk David Bowie: “We can be heroes, just for one day.”

 

Gerard