24 januari 2012
NEC – SCE 2
 
Leider
 
Thom de Graaf was als minister fervent voorstander van de gekozen burgemeester. Ironisch genoeg werd hijzelf daarna zelf burgemeester op de ouderwetse manier, namelijk benoeming door de Commissaris van de Koningin. Vijf jaar burgervaderschap heeft De Graaf niet op andere ideeën gebracht, integendeel: meer dan ooit vind hij dat burgemeesters gekozen moeten worden.
 
Jan is het daar mee eens. De burgemeester zou weliswaar boven alle partijen moeten staan, maar is zelf altijd ook lid van een politieke partij, dus kan hij ook nooit neutraal zijn. Bovendien is zijn ambt steeds meer een politieke functie en volgens de grondbeginselen van de democratie hebben de burgers van een stad daarin zelf het recht te kiezen wie ze willen. Gerard daarentegen, voor zover ik weet de enige van ons die lid is van een politieke partij, vind het maar helemaal niks als het volk mag meebeslissen over wie hen regeert. Dat klinkt wat vreemd uit de mond van een geboren socialist, vanuit een ideologie waarbij solidariteit met arbeiders tot dogmatische proporties was uitgegroeid. (Ik herinner mij urenlange nachtelijke discussies waarbij Gerard mij verweet dat ik met verkiezingen niet ging stemmen, omdat ik de democratie een verwerpelijk soort poppenkast vond.) Maar het volk, vindt Gerard, moet tegen zichzelf worden beschermd. En dat kan het beste door ze niet te laten stemmen, in ieder geval niet op een burgemeester. Klinkt heel elitair en zelfs een beetje rechts, maar misschien heeft hij wel gelijk.
 
De kwestie van het gekozen burgemeesterschap legt een essentieel, universeel dilemma bloot: kan leiderschap van bovenaf worden opgelegd of moet je het verdienen? Die kwestie speelde op microniveau ook in ons team, afgelopen wedstrijd. We moesten tegen nummer een na laatst, een makkie. Omdat we drie wissels hadden, besloten we (wie?) dat het zinvol was om onze tegenstander vast te zetten, precies zoals we vijftien jaar geleden ook furore maakten. Dat werkte goed: ze leden veel balverlies en het was te danken aan hun uitstekende keeper (en ons haperende scoringsvermogen) dat we in de eerste helft niet ver uitliepen. Met rust was het 2-1, waarbij ik helaas niet meer verder kon vanwege een onwillige hamstring.
 
Op dat moment, zo was iedereen het over eens, hadden we de tactiek moeten veranderen, van vastzetten naar verdedigen op eigen helft. Het voordeel van een ruim aantal wisselspelers was verdwenen, we konden nu heel comfortabel en efficiënt onze voorsprong uit gaan bouwen. Maar niemand nam daarin de leiding. Niet de teambuilders Jeroen en Cas, niet gelegenheidsaanvoerder Patrick, niet onze nestor Jan, niet onze leider Sjoerd. Geen leiding. En dus bleven we doorgaan met vastzetten, en dus kon SCE tot hun eigen stomme verbazing naar hartenlust counteren en onze voorsprong ombuigen in een beschamende nederlaag, 3-9. Hun tweede overwinning pas, dit seizoen. En verdiend.
 
In Trianon schoof Joppe aan voor de derde helft, waarin het steeds maar weer bleef rondzingen: what happened? Waarom liepen we zo blind het mes? Waarom nam niemand de leiding? Buiten het veld is het qua leiderschap al chaotisch, maar binnen het veld is het kennelijk niet anders. Leuk hoor, zo’n platte organisatie waar iedereen altijd over alles mee mag praten (en mopperen), maar het poldermodel is nu wel vastgeroest, de sluizen zijn bevroren en het koude rivierwater gutst over de dijken. Het werkt niet meer. Wat we nodig hebben is een stevige leider die de lijnen uitzet, bepaalt wanneer we een van onze twee tactieken gaan toepassen, die ons boven ons zelf doet uitstijgen. Looplijnen, tactiek, wisselbeleid, niets staat ons nog in de weg om eindelijk het felbegeerde kampioenschap te behalen.
 
Het ligt voor de hand dat – naar analogie van het burgemeesterschap – een hogere partij een leider gaat aanwijzen. Die hogere partij is natuurlijk NEC, de club waar we weinig mee van doen hebben, maar wel een wezenlijk deel van uitmaken. Dat zou ook het cadeau van Jacco Swart hebben moeten zijn tijdens onze reünie: geen vrijkaartjes voor NEC-Heerenveen, maar een heuse coach. Ik stel voor dat we na afloop van de volgende wedstrijd een profiel opstellen van onze beoogde nieuwe coach. Zorgt Patrick dat die bij Jacco Swart komt en dat mensen uit de voetbalwereld daarop kunnen solliciteren. Anoniem uiteraard, zodat we eerst nog een aantal weken kunnen speculeren. Af en toe lekt er een naam uit die we dan flink de grond in kunnen boren. In de tussentijd krijgen we een interimcoach die niet is opgewassen tegen tien eigenzinnige veertigplussers, en al na twee wedstrijden vertrekt. De uiteindelijke coach blijkt zo ambitieus dat hij trainingsplicht wil invoeren. Dat gaat ons natuurlijk veel te ver en de nieuwe coach kan meteen weer opzouten.
 
Maar wie moet het dan doen? Moet het van binnenuit, democratisch gekozen vanuit ons midden? Geen van de aanwezigen kan na het echec van afgelopen dinsdag op het leiderschap aanspraak maken, anders was dat al via een natuurlijke weg gegaan. Blijven Wim en Erik over. Maar ja, Erik verlaagt zich tegelijkertijd op de Weissensee tot het beantwoorden van vragen over zijn favoriete broodbeleg, daar kunnen we de oorlog niet mee winnen. Blijft Wim over. Wim heeft tenslotte het hoogst gezaalvoetbald van ons allen, en bovendien ook de meeste didactische ervaring. Bij een heel andere doelgroep, maar dat doet er niet toe.
 
Ik weet het zeker. Wim gaat onze redder worden.
 
Paul